zondag 3 januari 2010

les godsdienst observeren: Kerst vieren op school (analyse)

Het onderwerp van deze dag was Kerstmis.

De levensvraag die zich hier voordeed was "wat is de betekenis van Kerstmis?"

Hiervoor werd het kerstverhaal meermaals verteld op deze dag en hadden de kleuters de kans om erover te praten met elkaar en de juffen.

Het werd op diverse manieren duidelijk gemaakt dat de kersttijd een tijd van vrede en gezelligheid is:

  • kaarsjes werden aangestoken in de klas en kerk
  • lichtjes werden aangezet, grote lichten gedoofd
  • pakjes mochten worden opengedaan en uitgedeeld
  • het kerstverhaal werd verteld
  • een grote, lange tafel deed de kleuters onmiddelijk een gevoel van samenzijn krijgen en deed hen plots ook denken aan het laatste avondmaal.
  • de kleuters waren rustiger en stiller dan anders

Een echte handleiding werd volgens mij niet gebruikt.

De sfeer in de klas was erg aangenaam, rustig en stil. Er hing een erg gezellige sfeer. De kleuters reageerden hier ook goed op, ze waren zeer kalm. Tijdens dode momenten waren ze stil, anders zouden ze onmiddelijk beginnen spelen en roepen. Nu hielden ze rustige gesprekjes met de anderen.

Ik vond dat de kleuters erg betrokken waren doorheen de dag, ze waren erg geboeid door alle impulsen en bij alle momenten. Het boeide de kleuters ook om te horen over de geboorte van Jezus op deze speciale plaats en hoe andere mensen hiermee omgingen. Ook de gezellige sfeer en de pakjes zorgden ervoor dat de kleuters geboeid waren.

Voorbeelden van levensvragen waarmee kleuters zaten doorheen deze dag:

  1. wie is Jezus eigenlijk?
  2. waar leefde hij na zijn geboorte, nog in de stal?
  3. hoe ziet hij eruit?
  4. is god echt zijn vader?
  5. en Jozef dan?
  6. waarom laten ze een ballon in de lucht vliegen?
  7. waarom doen ze al die kaarsjes aan?
  8. waarom moeten we stil zijn in de kerk?
  9. waarom praat god niet terug?
  10. waarom zeggen we gebedjes op?

Op deze vragen gaf ik geen echt antwoord, omdat dat er niet is. Elk antwoord is goed, maar voor elk kind is dit anders. Ik laat hen er zelf over nadenken en praten met elkaar. Zo kunnen ze hun eigen visie erover ontwikkelen.

De 5 geboden voor goed godsdienstonderwijs zijn:

  • Verken met de kinderen de levensbeschouwelijke dimensie van het leven (groei). Geen Catechese!
  • Wek daarbij hun belangstelling voor elementen van Christelijk geloven (traditie).
  • Geef de kinderen de kansen om zelf te leren, te verkennen, na te denken, te ontdekken.
  • Maak verscheidenheid binnen en buiten de klas zichtbaar en relevant voor het leren.
  • Bied de kinderen de ruimte om hun eigenheid als mens en gelovige te vinden, te uiten, te beleven, te vieren ook.

Volgens mij zijn deze geboden zeker aan bod gekomen tijdens de lessen deze dag. Dat denk ik doordat de kleuters niet gedwongen werden om dingen te doen, ze mochten vrij praten over alles en kwamen in aanmerking met het Christelijk geloven door het kerstverhaal en de viering in de kerk.

De componenten waaraan gewerkt werden in deze lessen zijn:

  1. openkomen voor symboliek: geloofstaal, rituelen en vieringen
  2. in verbondenheid met zichzelf, anderen en gemeenschappen

Het eerste component komt aan bod door het maken van een kruisteken, gebedjes opzeggen, vertellen van het kerstverhaal en de viering in de kerk.

Aan het tweede component wordt gewerkt doordat de kleuters tot zichzelf kunnen komen in alle rust, ze kunnen praten met anderen en delen, ze zitten samen aan een grote tafel voor het groepsgevoel en met gemeenschappen door de viering in de kerk.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten